Je denkt bij bij zuurstoftekort aan iemand die naar adem hapt. Aan longziekten. Aan een lage saturatie. Aan een spoedsituatie. De meest voorkomende vorm van zuurstoftekort (hypoxie) ziet er echter heel anders uit.
Die persoon zit gewoon tegenover je. Hij werkt, sport soms, slaapt redelijk en functioneert nog best aardig. Alleen is hij moe. Niet een beetje moe, maar moe op een manier die niet meer weggaat. Zijn herstel duurt langer. Zijn concentratie neemt af. Zijn lichaam voelt zwaarder. Ontstekingen lijken makkelijker te ontstaan. En wat hij ook probeert, de energie komt niet echt terug.
We zoeken dan naar een tekort aan vitamines, een hormoonprobleem of een diagnose die alles verklaart, maar soms ligt er iets fundamentelers onder: Een tekort aan beschikbare zuurstof op celniveau. Niet omdat er geen zuurstof in de ingeademde lucht zit, maar omdat de cellen er onvoldoende gebruik van kunnen maken.
Elke seconde produceren miljarden cellen energie. Dat gebeurt het liefst met zuurstof. Zuurstof zorgt ervoor dat een cel efficiënt energie kan maken. Veel energie. Schoon. Zonder veel afval.
Wanneer zuurstof onvoldoende beschikbaar wordt, schakelt het lichaam over op een noodprogramma. Dat programma werkt uitstekend als je moet vluchten voor gevaar, maar het is nooit bedoeld geweest om jarenlang actief te blijven. Toch is dat precies wat we tegenwoordig steeds vaker zien.
Dat klinkt vreemd, want we hebben voldoende zuurstof om ons heen, maar zuurstof moet meer doen dan alleen aanwezig zijn. Ze moet ingeademd worden, ze moet via het bloed vervoerd worden, ze moet op de juiste plek aankomen en uiteindelijk moet de cel er iets mee kunnen. Op elk van die niveaus kan verstoring ontstaan.
Wanneer je stress ervaart, verandert er van alles. Het lichaam verschuift naar een overlevingsstand. Dat is nuttig wanneer je moet handelen. Maar als die toestand weken, maanden of zelfs jaren aanhoudt, ontstaat een probleem.
Het lichaam blijft energie verbruiken alsof er gevaar dreigt. De vraag naar energie stijgt voortdurend. De zuurstofvoorziening kan dat tempo niet altijd bijhouden.Stress is daarom een oorzaak van hypoxie, niet omdat je minder zuurstof inademt, maar omdat de balans tussen vraag en aanbod verloren gaat.
Iedereen denkt bij suiker aan diabetes en obesitas, maar suiker beïnvloedt ook het zuurstoftransport.
Hemoglobine in rode bloedcellen vervoert zuurstof naar alle weefsels. Wanneer de bloedsuiker langdurig verhoogd is, gaat glucose zich aan hemoglobine vastplakken. Hoe meer hemoglobine "bezet" raakt door suiker, hoe minder goed het zijn werk als zuurstoftransporteur kan uitvoeren.
Je zou kunnen zeggen dat de vrachtwagen die zuurstof moet afleveren steeds voller komt te zitten met suiker. De rit gaat nog door, maar de levering wordt minder efficiënt.
Een wandeling lijkt te simpel om belangrijk te zijn. Toch is beweging een van de krachtigste manieren om zuurstof naar de weefsels te brengen.
Spieren pompen bloed rond, de doorbloeding verbetert, de zuurstofafgifte neemt toe, het lichaam krijgt een signaal dat het energiecentrales mag onderhouden en vernieuwen.
Wanneer we langdurig zitten, valt een groot deel van die stimulatie weg. Zonder beweging dus minder zuurstof naar je cellen.
En hier wordt het interessant, want het lichaam accepteert een zuurstoftekort niet zomaar. Het gaat zich aanpassen. Het activeert een systeem dat helpt om te overleven tijdens zuurstofschaarste. Op korte termijn is dat briljant. Op lange termijn ontstaat een prijs.
Meer ontstekingsactiviteit.
Meer bindweefselvorming.
Meer herstelproblemen.
Meer vermoeidheid.
Het lichaam gaat als het ware verbouwen om met de nieuwe situatie om te kunnen gaan. En hoe langer dat duurt, hoe moeilijker het wordt om terug te keren naar de oorspronkelijke situatie.
Je lichaam draait op energie. En voor het maken van energie is zuurstof nodig. Wanneer je cellen onvoldoende zuurstof ontvangen, produceren ze minder energie. Dat is geen mening of theorie, maar pure fysiologie.
In eerste instantie probeert het lichaam dat op te vangen. Je gaat wat minder presteren, herstelt wat langzamer of hebt meer rust nodig. Maar als die situatie blijft bestaan, ontstaat vermoeidheid.
Niet omdat je lui bent.
Niet omdat je ouder wordt.
Niet omdat je lichaam tegenwerkt.
Maar omdat je cellen simpelweg onvoldoende zuurstof krijgen om optimaal energie te maken.
Herken je jezelf in dit verhaal? Dan is het waardevol om te kijken naar de factoren die jouw zuurstofvoorziening en energieproductie beïnvloeden. Want wanneer de energieaanmaak verbetert, krijg je meer energie, beter herstel en minder klachten.